Inleiding en een verklaringsmodel voor het ontstaan van angst en onzekerheid

Aan de ene kant hoort onzekerheid bij het leven van alle dag, zo gezegd in het Nu, aan de andere kant is het zo, dat als de onzekerheid excessieve vormen aanneemt dat je iets uit het verleden ervaart. Veel mensen, echter, hebben ergens onbewust als kind aangeleerd gevoelens, zoals angst en onzekerheid, onveiligheid te vermijden, door maskers op te zetten door zich aan te passen en zich bijvoorbeeld, dominant, perfectionistisch, of autoritair te gaan gedragen zodra, dergelijke onaangename gevoelens zich dreigen aan te dienen. Mensen hebben allerlei vormen van overlevingsstrategieën, die ik hier niet allemaal noemen zal. Deze door hem of haar gekozen overlevingsstrategie kan op dergelijke momenten zo snel in werking treden dat iemand heel lang goed lijkt te functioneren en zichzelf charismatisch, stabiel dan wel zich zelfverzekerd zal wanen. Anderen kunnen, als ze daar gevoelig voor zijn, in contact met mensen met een dergelijke overlevingsstrategie zich daardoor uit het lood geslagen door voelen. Dit komt doordat mensen die hun "ondoorleefde emoties" onbewust vermijden, deze per definitie zullen projecteren op mensen die gevoelig zijn voor dergelijk gedrag. In het sociaal verkeer van ouders, verzorgers en leerkrachten naar kinderen werkt dit altijd zo, omdat kinderen afhankelijk zijn van hun verzorging en hun voorbeeldgedrag. Dus de nare gevoelens, waar een ouder, hoe goed bedoeld ook, het kind voor wil behoeden, zullen uiteindelijk ergens en vaak heel lang er na het kind toch inhalen en parten gaan spelen. Want hoe perfect de overlevingsstrategie ook lijkt te werken, op de langere termijn blijft niemand gevrijwaard van het voelen van de emotie of het ervaren van de spanning of stress door het lang onderdrukken ervan.

Als het allemaal dan zó onbewust is, hoe kun je dan het verschil bemerken tussen een overlevingsstrategie als autoritair gedrag tegenover zelfverzekerdheid of perfectionisme tegenover dingen-gewoon-met-aandacht-doen?

Wel, als je zelf zo nu en dan uit het lood geslagen voelt door
  • anderen die nog autoritairder of afwijzender zijn dan jij naar je zelf toe geworden bent, of door
  • iemand die door je masker heen prikt of
  • als je op een examen ineens last van faalangst krijgt, etc. weet je dat het tijd wordt eens naar je zelf en de mensen om je heen te kijken, want: Een werkelijk groot mens is niet iemand waarbij een ander zich klein voelt. Een werkelijk Groot mens is iemand waarbij een ander zich Groots voelt.